Hoe gaat het - ontmoetingen

Boeken    Interviews       Columns        

 

Vaktijdschrift ‘management en consulting’, 2006

onderdeel van een artikel van de hand van Julien Haffmans waarin zij aandacht vraagt voor trage vragen

‘Hoe gaat het’-ontmoetingen

Fokke Wijnstra van Finext: ‘Er is een voortdurende neiging de onderlinge samenwerking in een organisatie ingewikkeld te maken. Competentiemanagementsystemen, functiescheiding, afstandelijke evaluatieonderzoeken: ze hebben weinig meer te maken met de tevreden klant of gemotiveerde medewerker. Er is ook een continue behoefte om zaken te regelen, “want anders gaat het mis”. De regelaars raken de verbinding met het eigenlijke werk kwijt. Dus “duwen” we terug op twee manieren: houd het simpel en ga terug naar vakmanschap. Wat helpt is vertellen hoe het bedrijf ook weer begonnen is, wat de kernsuccesfactoren waren en nog steeds zijn. We onderzoeken waarom de klant blij wordt van Finext, en wat maakt dat de medewerker er zin in heeft. De vragen leiden naar dilemma’s als: tijd voor omzet of persoonlijke ontwikkeling? Teambelang of Finext- belang? Succes deze maand of later dit jaar? Daarover vragen stellen houdt de focus in de onderneming.

Het gebouw is geen kantoor, maar een plaats die uitnodigt tot ontmoeten. Daarmee maken we letterijl ruimte om een bak koffie te doen of een keukentafelgesprek te hebben. Mensen zijn geen productiemiddel maar een bron voor innovatie en creatie. Al tijdens de introductiedagen besteden we daarom ruim aandacht aan trage vragen, die leiden tot gesprekken over de ziel van de onderneming en de passie van de medewerker. Verder organiseren we tenminste maandelijks “Hoe gaat het”- ontmoetingen in verschillende verbanden: het micro- ondernemingsteam, projectteams en professionals die bij dezelfde klant werken. Finext- medewerkers ontmoeten elkaar tenminste elk kwartaal. Liever elke twee maanden een halve dag reflectie dan eens per jaar twee dagen de hei op.

Dit alles lukt binnen Finext, maar het is spannend nu de onderneming onlangs is overgenomen door het beursgenoteerde Ordina. De druk van quick fixes en "piketpalen slaan" neemt weer toe. Tegelijkertijd kijken juist de bestuurders van Ordina met gezonde nieuwsgierigheid naar Finext en vinden ons aantrekkelijk. Het ontmoeten en in gesprek gaan over trage vragen leidt ook in hier tot samenwerken.

Aandacht voor trage vragen

door Julien Haffmans

In de vorige Management en Consulting sprak Hans Strikwerda over het fenomeen dat een samenleving eenmaal opgedaan inzicht en bewustzijn ook weer verliest. Hij pleitte voor vergroten van het historisch bewustzijn, en voor het doorgeven van organisatorische vraagstukken, wetmatigheden en onmogelijkheden. Binnen de brede denkkaders waar Strikwerda voor pleit, krijgen ‘trage vragen’, bijvoorbeeld over kwaliteit, integriteit en duurzaamheid, de ruimte. Aandacht voor trage vragen geeft ruimere mogelijkheden om je werk te organiseren. Ruimte voor eigen verantwoordelijkheid en voor ‘home grown’ antwoorden. In de reïntegratiebranche, waar deze rubriek vorige keer op inzoomde, bestaat daar grote behoefte aan. Vermoedelijk bestaat die behoefte ook in andere sectoren.


Ik legde drie bestuurders de volgende vragen voor: welke ‘trage vraag’ heeft jouw aandacht? Wat doe je om aandacht te creëren voor deze trage vraag? En wat kom je daarbij tegen?